De Ultieme Gids voor Arthrosamid: Alles wat u moet weten over deze baanbrekende gewrichtsinjectie

Door Björn Mulder, arts | Dokter Mulder – Regeneratieve Orthopedie | Rotterdam & Dordrecht


U heeft pijn in uw knie, heup of een ander gewricht. Fysiotherapie heeft u geprobeerd. Misschien ook een of meerdere corticosteroïdinjecties, of hyaluronzuur. Maar de verlichting was tijdelijk — of bleef helemaal uit. En een operatie wilt u het liefst zo lang mogelijk uitstellen.

Dan is de kans groot dat u op een gegeven moment de naam Arthrosamid tegenkomt.

Maar wat is Arthrosamid precies? Hoe werkt het? Voor wie is het geschikt, en voor wie niet? En wat kunt u realiter verwachten na de behandeling?

In deze gids geef ik u een eerlijk, volledig en klinisch onderbouwd antwoord op al die vragen — zonder reclamepraat.


Inhoudsopgave

  1. Wat is Arthrosamid?
  2. Hoe werkt Arthrosamid in het gewricht?
  3. Voor welke gewrichten is Arthrosamid geschikt?
  4. Voor wie is Arthrosamid bedoeld?
  5. Wanneer is Arthrosamid juist níét geschikt?
  6. De behandelprocedure stap voor stap
  7. Wat kunt u verwachten na de injectie?
  8. Arthrosamid versus andere injecties
  9. Wat zegt het wetenschappelijk onderzoek?
  10. Arthrosamid bij Dokter Mulder
  11. Veelgestelde vragen
  12. Conclusie

1. Wat is Arthrosamid?

Arthrosamid is een CE-gemarkeerd medisch hulpmiddel dat bestaat uit een transparante, gelachtige vloeistof: polyacrylamide hydrogel (PAAG). De samenstelling is eenvoudig maar ingenieus — 97,5% steriel water en 2,5% cross-linked polyacrylamide. Die kruisverbonden polymeerketens geven het gel precies de goede visco-elastische eigenschappen: voldoende zacht om zich aan het weefsel te hechten, en voldoende stabiel om de dagelijkse belasting van een gewricht te weerstaan.

Het CE-keurmerk voor Arthrosamid werd in 2021 verleend voor gebruik bij knie-artrose. De technologie zelf bestaat al langer — polyacrylamide hydrogel wordt al meer dan twee decennia toegepast in de geneeskunde, onder meer in Scandinavische landen waar het uitgebreid is onderzocht.

Wat Arthrosamid onderscheidt van de meeste andere injectables, is één fundamentele eigenschap: het wordt niet door het lichaam afgebroken. Waar hyaluronzuur na enkele maanden is gemetaboliseerd en corticosteroïden binnen weken zijn verdwenen, blijft Arthrosamid in het gewricht. Dat is precies de bedoeling.

Belangrijk: Arthrosamid regenereert geen kraakbeen en is geen geneesmiddel. Het is een CE-gemarkeerd medisch hulpmiddel dat symptomen verlicht en gewrichtsafbraak niet stopt.


2. Hoe werkt Arthrosamid in het gewricht?

Om te begrijpen hoe Arthrosamid werkt, moet u eerst begrijpen wat er in een artrotisch gewricht mis gaat.

Een gezond gewricht is omgeven door het synovium — een dunne, gevoelige membraan die synoviaalvloeistof aanmaakt. Die vloeistof smeert het gewricht, absorbeert schokken en voedt het kraakbeen. Bij artrose raakt dit systeem verstoord: het kraakbeen slijt, de synoviaalvloeistof verandert van kwaliteit, en het synovium raakt chronisch ontstoken. Het resultaat is pijn, stijfheid en verlies van functie.

Arthrosamid wordt intra-articulair geïnjecteerd — direct in de gewrichtsruimte — en hecht zich vervolgens aan het synovium. Het gedraagt zich als een permanente biomechanische buffer: het vergroot de ruimte tussen de gewrichtsvlakken, neemt schokken op, en vermindert de mechanische druk op het beschadigde kraakbeen.

De metafoor die ik zelf graag gebruik: het is als een branddeken over de synoviale membraan — het dempt de prikkeling, geeft het gewricht rust, en integreert als een duurzame spacer.

Dit mechanisme verschilt fundamenteel van:

  • Hyaluronzuur, dat tijdelijk de viskositeit van de gewrichtsvloeistof verhoogt maar snel afbreekt
  • Corticosteroïden, die de ontsteking onderdrukken maar geen mechanische ondersteuning bieden
  • PRP, dat biologische signaalstoffen aanlevert voor weefseladaptatie

Arthrosamid werkt mechanisch, niet farmacologisch. Dat verklaart zowel de duurzaamheid als de specificiteit van het effect.


3. Voor welke gewrichten is Arthrosamid geschikt?

Arthrosamid staat op de CE-markering geregistreerd voor de knie, en verreweg het meeste klinische bewijs betreft het kniegewricht. Maar de werkzaamheid van het middel is niet afhankelijk van welk gewricht het betreft — de mechanische principes gelden voor elk synoviaal gewricht.

In onze praktijk zetten wij Arthrosamid in voor meerdere gewrichten, en hieronder lopen wij die langs.


De knie — het meest behandelde gewricht

De knie is de absolute nummer één als het gaat om Arthrosamid-behandelingen, wereldwijd en bij ons. Dat heeft goede redenen: knieartrose is uitermate prevalent, de knie is een groot en goed toegankelijk gewricht, en de klinische studies zijn praktisch allemaal op de knie uitgevoerd.

Bij knieartrose biedt Arthrosamid verlichting bij:

  • Mediaal compartiment artrose (binnenzijde van de knie) — veruit het meest voorkomend
  • Patellofemoraal compartiment (artrose achter de knieschijf, met name pijn bij traplopen, fietsen en langdurig zitten)
  • Lateraal compartiment artrose (buitenzijde van de knie)

De typische kandidaat voor Arthrosamid in de knie heeft Kellgren-Lawrence graad II, III of zelfs IV. Na mislukte conservatieve behandelingen (fysiotherapie, corticosteroïdinjecties, hyaluronzuur) is Arthrosamid een logische volgende stap op de behandelladder. Hoe gevorderder de artrose, hoe meer de verwachtingen worden afgestemd — maar ook bij graad IV kan Arthrosamid zinvolle pijnverlichting bieden.


De heup

Heupartrose is één van de meest invaliderende aandoeningen bij patiënten boven de 50. Het heupgewricht is dieper gelegen dan de knie, maar met echogeleide injectietechniek is het goed te bereiken.

Bij heupartrose met Kellgren-Lawrence graad II–III, waarbij patiënten pijn ervaren bij lopen, traplopen en ’s nachts in rust, kan Arthrosamid — als het conservatieve traject niet heeft geholpen — een waardevolle tussenoplossing zijn voordat heupprothese aan de orde is.

De biomechanische rationale is dezelfde als bij de knie: de hydrogel vergroot de gewrichtsruimte, vermindert de mechanische druk op het beschadigde kraakbeen, en dempt de synoviale prikkeling.


De schouder

Glenohumerale artrose (artrose van het eigenlijke schoudergewricht) is minder bekend dan knie- of heupartrose, maar kan uiterst invaliderend zijn. Patiënten klagen over pijn bij bewegen, verminderde hefdracht en slaapstoornissen.

Bij patiënten met glenohunerale artrose die onvoldoende reageren op fysiotherapie en conservatieve injecties, kan Arthrosamid een optie zijn — mits de slijtage niet zo ver gevorderd is dat prothetiek de aangewezen weg is.

Arthrosamid in de schouder is een specialistisch traject dat altijd begint met zorgvuldige beeldvorming en selectie.


De enkel

Enkeltrose is een onderschatte aandoening. Zij treft zowel jongere patiënten (na trauma, fractuur of herhaaldelijke verstuikingen) als oudere patiënten met primaire artrose. De enkel is een klein gewricht met een hoge biomechanische belasting — de combinatie maakt behandeling complex.

Arthrosamid kan bij enkeltrose worden ingezet wanneer conservatieve maatregelen onvoldoende effect hebben gehad, en de patiënt niet in aanmerking komt of wenst voor operatieve behandeling.


De pols

Polsartrose — bijvoorbeeld na een spaakbeenfractuur of na herhaaldelijk trauma — leidt tot pijn en verlies van functie die het dagelijks leven sterk beïnvloeden. Met echogeleide injectietechniek is het midcarpale en radiocarpalige gewricht goed te bereiken.

Arthrosamid in de pols is maatwerk: indicatie, timing en techniek vereisen nauwkeurige beoordeling.


De duim (CMC-I gewricht)

Duimbasisartrose — artrose van het carpometacarpale gewricht van de duim (CMC-I) — is een van de meest voorkomende handklachten, met name bij vrouwen boven de 50. Het veroorzaakt pijn bij knijpen, draaibewegingen en fijne motoriek.

Conventioneel wordt dit gewricht behandeld met spalk, fysiotherapie en corticosteroïdinjecties. Die laatste geven vaak kortstondige verlichting, maar herhaling vermindert het effect en is niet onbeperkt mogelijk.

Arthrosamid als langdurig actieve spacer in het CMC-I gewricht is een veelbelovende optie voor patiënten met Eaton-Glickel stadium II–III duimbasisartrose die niet reageren op conservatieve maatregelen. Wij beschikken over de echogeleide injectietechniek en de klinische ervaring om dit gewricht nauwkeurig te behandelen.


Samenvatting: gewrichten die wij behandelen met Arthrosamid

GewrichtArtrose type
Knie (nr. 1)Mediaal, patellofemoraal, lateraal compartiment — KL II t/m IV
HeupPrimaire coxartrose, KL II t/m IV
SchouderGlenohumerale artrose
EnkelPost-traumatisch, primair artrose
PolsRadiocarpal, midcarpal, post-traumatisch
DuimCMC-I artrose (duimbasisartrose), Eaton-Glickel II–IV

4. Voor wie is Arthrosamid bedoeld?

Arthrosamid is een precisiebehandeling. De uitkomst staat of valt met de juiste patiëntselectie. In onze praktijk hanteren wij een gestructureerde beoordeling vóór elke Arthrosamid-indicatie.

U kunt een goede kandidaat zijn als:

  • U heeft artrose in een synoviaal gewricht — van milde (Kellgren-Lawrence graad I–II) tot gevorderde artrose (graad III–IV, inclusief bot-op-bot)
  • U heeft eerder behandelingen geprobeerd die onvoldoende of geen effect hebben gehad — zoals fysiotherapie, corticosteroïdinjecties of hyaluronzuur
  • U bent bereid realistische verwachtingen te hebben: pijnvermindering en betere functie, geen genezing
  • U wilt gewrichtsvervanging uitstellen, maar accepteert dat dit uiteindelijk toch aan de orde kan zijn
  • U heeft geen actieve gewrichtsinfectie of andere contra-indicaties

Een eerlijk woord over gevorderde artrose (KL III–IV, bot-op-bot)

Bij ernstige artrose zijn de verwachtingen anders dan bij vroegere stadia — maar dat betekent niet dat behandeling zinloos is. Juist bij patiënten die om medische redenen niet geopereerd kunnen worden, of bij wie een prothese bewust wordt uitgesteld, kan Arthrosamid een betekenisvolle pijnverlichting bieden. De resultaten zijn doorgaans minder uitgesproken dan bij KL II–III, maar voor de juiste patiënt kan ook bij bot-op-bot artrose een kwaliteitsverbetering worden bereikt. Dit bespreek ik altijd open tijdens het intakeconsult.

Factoren die de kans op een gunstig resultaat vergroten:

  • Leeftijd boven de 50
  • Geen diabetes mellitus (dit beïnvloedt weefselrespons en infectierisico)
  • Klachten aan beide knieën (bij bilateraal knielijden)
  • Actieve, maar niet extreme levensstijl

5. Wanneer is Arthrosamid juist níét geschikt?

Eerlijkheid is het fundament van goede zorg. Arthrosamid is niet voor iedereen, en het is belangrijk dat u dat weet voordat u overweegt een afspraak te maken.

Arthrosamid is minder geschikt of vereist extra overweging als:

  • Er sprake is van een actieve gewrichtsinfectie (absolute contra-indicatie)
  • Het gewricht ernstig instabiel of structureel vervormd is (beoordeling per geval)
  • U verwacht dat één injectie uw gewricht volledig ‘repareert’ — dat is niet wat Arthrosamid doet
  • Er sprake is van diabetes mellitus (verhoogd infectierisico, verminderde respons)

Als Arthrosamid niet de aangewezen behandeling is, bespreken wij open welke alternatieven wél passend zijn.


6. De behandelprocedure stap voor stap

Stap 1: Intake en beeldvorming

Vóór de behandeling vindt een uitgebreide intake plaats. We beoordelen uw klachten, bekijken uw beeldvorming (standaard röntgenfoto’s voor KL-gradering; MRI indien geïndiceerd) en stellen gezamenlijk vast of Arthrosamid de juiste keuze is.

Stap 2: Informed consent

Arthrosamid is een permanent implantaat. Het middel verlaat het gewricht niet. Dat vereist een zorgvuldig informed consent gesprek, waarbij wij ook de risico’s — met name infectie — transparant met u bespreken.

Stap 3: Infectieprofylaxe

Omdat Arthrosamid permanent is, is infectiepreventie van het allergrootste belang. Een gewrichtsinfectie in combinatie met een permanent hydrogel is een ernstige complicatie die moeilijk te behandelen is. Wij hanteren een strikt infectiepreventieprocol dat is afgestemd op de aard van dit product:

  • Steriele techniek met afscherming en hygiënemaatregelen boven de gewone poliklinische norm
  • Antibiotische profylaxe vóór de injectie
  • Intra-articulaire echogeleide plaatsing (geen anatomische ‘blind’ injectie)

Stap 4: Echogeleide injectie

De injectie zelf duurt maar enkele minuten. Onder real-time echogeleiding — zodat we exact zien waar de naald zich bevindt — wordt de Arthrosamid-gel in de gewrichtsruimte gedeponeerd. Accurate intra-articulaire plaatsing is essentieel: het product moet precies op de goede locatie terechtkomen om effectief te zijn.

Stap 5: Herstelprotocol en follow-up

Na de injectie ontvangt u een herstelprotocol. U krijgt richtlijnen voor de eerste 24–48 uur (relatieve rust), de opbouwfase daarna, en adviezen over bewegen en belasting. Een follow-up consult is standaard onderdeel van de behandeling.


7. Wat kunt u verwachten na de injectie?

De eerste weken

De meeste patiënten ervaren in de eerste 1–2 weken na de injectie enige reactie: lichte zwelling, wat extra stijfheid, of een gevoel van volheid in het gewricht. Dit is normaal en is een teken dat het lichaam reageert op de hydrogel. U kunt lichte activiteiten hervatten; zware belasting van het gewricht dient u in de eerste weken te vermijden.

Wanneer werkt het?

Het effect van Arthrosamid bouwt geleidelijk op. De meeste patiënten beginnen verbetering te merken tussen vier en twaalf weken na de injectie. Publicaties laten zien dat pijn- en functiescore (WOMAC, Oxford Knee Score, VAS) verbeteren op drie, zes en twaalf maanden, met aanhouding van het effect bij passende patiënten over een periode van gemiddeld twee tot drie jaar.

Arthrosamid werkt niet bij iedereen. Een minderheid van de patiënten reageert onvoldoende. Dit is mede afhankelijk van de ernst van de artrose, lichaamsgewicht en individuele weefselrespons.

Hoe lang houdt het effect aan?

Op basis van het beschikbare klinische bewijs bedraagt het gemiddeld effect twee tot drie jaar bij geschikt geselecteerde patiënten. Dit is aanzienlijk langer dan hyaluronzuur (vier tot zes maanden) of corticosteroïden (twee tot twaalf weken). Arthrosamid blijft in het gewricht — de werking is echter niet oneindig. Na de werkzame periode kan herbehandeling worden overwogen.


8. Arthrosamid versus andere injecties

Het injectielandschap voor artrose is gevarieerd. Hieronder vergelijken wij Arthrosamid eerlijk met de belangrijkste alternatieven.

Arthrosamid vs. corticosteroïd

Corticosteroïdinjecties (cortisone, triamcinolon, methylprednisolon) onderdrukken snelwerkend de gewrichtsontsteking. Ze zijn goed voor het verkrijgen van tijdelijke rust — de werking duurt twee tot twaalf weken. Herhaald gebruik brengt risico’s met zich mee: kraakbeenschade, verzwakking van periarticulaire structuren, en verhoogd infectierisico bij latere injecties of operaties.

Arthrosamid werkt niet anti-inflammatoir, maar mechanisch. Het is geen kortetermijnoplossing maar een langetermijn-spacer. De twee middelen staan dan ook niet tegenover elkaar — corticosteroïden kunnen voorafgaan aan Arthrosamid als voorbereiding, maar niet andersom.

Arthrosamid vs. hyaluronzuur

Hyaluronzuur (visco-supplementatie) verbetert tijdelijk de smeerlaag in het gewricht. Het effect duurt vier tot zes maanden en vereist herhaalde injecties. Bij lichte artrose kan het helpen; bij matige tot ernstige artrose is de effectiviteit beperkt.

Arthrosamid is niet vervangbaar door hyaluronzuur — het werkt op een ander niveau (mechanische spacer vs. lubricant) en biedt een significant langere werkingsduur.

In ons Preservation Protocol combineren wij hyaluronzuur (als 80mg preparaat) met high-dose PRP als geïntegreerde eerste stap. Arthrosamid positioneren wij als logische vervolgstap als het Preservation Protocol onvoldoende heeft geholpen.

Arthrosamid vs. PRP

PRP (platelet-rich plasma) is een autoloog biologisch injectaat: eigen bloedplaatjes met groeifactoren die een gewrichtsomgeving stimuleren tot adaptatie. In onze praktijk werken wij uitsluitend met high-dose PRP van meer dan 20 miljard plaatjes — een gestandaardiseerd, dosis-gedefinieerd protocol dat verschilt van de meeste conventionele PRP-toepassingen.

PRP en Arthrosamid zijn fundamenteel verschillende behandelingen. PRP is biologisch en stimulerend; Arthrosamid is mechanisch en bufferend. Bij de juiste patiënt kunnen zij sequentieel worden ingezet — PRP als optimaliserende eerste stap, Arthrosamid als duurzame spacer wanneer mechanische ondersteuning de prioriteit is.


9. Wat zegt het wetenschappelijk onderzoek?

De klinische evidentie voor Arthrosamid is, zeker voor een relatief nieuw CE-gemarkeerd hulpmiddel, solide opgebouwd.

Sleutelstudies en -bevindingen:

  • De prospectieve cohortstudie van Gao et al. (2025) — uitgevoerd in Lincoln en Londen bij knieartrosepatiënten — laat zien dat PAAG-hydrogel gedurende 24 maanden significante verbetering geeft in VAS, Oxford Knee Score en Lysholm score. Oudere patiënten zonder diabetes en met lagere Kellgren-Lawrence graden laten de beste resultaten zien.
  • Een systematische review (Cole et al., 2022) concludeert dat PAAG-hydrogel een effectieve en veilige behandeloptie is voor knieartrose met positieve resultaten gedurende minimaal twee jaar.
  • Vergelijkende data tussen Arthrosamid, hyaluronzuur en corticosteroïden (retrospectieve cohortstudie, 150 patiënten, KL II–IV, 2025) tonen dat Arthrosamid op drie, zes en twaalf maanden significant betere uitkomsten geeft voor pijn en functie — gemeten met VAS en WOMAC.

Eerlijke kanttekeningen:

De literatuur is grotendeels observationeel (geen groot gerandomiseerd placebo-gecontroleerd trial voor Arthrosamid specifiek). Vergelijkende Barfod-data uit 2025 over placebo-gecontroleerde studies voor PAAG-hydrogel onderstrepen dat patiëntselectie cruciaal is. Wie buiten de gevalideerde indicatie valt, profiteert minder.

Dit is precies waarom wij zorgvuldige indicatiestelling als onlosmakelijk onderdeel van de behandeling zien.


10. Arthrosamid bij Dokter Mulder

Onze positionering op de behandelladder

Arthrosamid is bij ons geen impulsbehandeling. Het is een weloverwogen stap op de behandelladder — in de praktijk de derde lijn, na het Preservation Protocol.

Onze volgorde is:

Stap 1 — Preservation Protocol (voorkeur bij KL II–III) Ons Preservation Protocol combineert high-dose PRP (>20 miljard plaatjes), A2M via ultrafiltratie en hyaluronzuur 80mg preparaat in één sessie. Dit gestandaardiseerde, dosis-gedefinieerde protocol is onze voorkeurseerstelijnsbehandeling bij milde tot matige artrose.

Stap 2 — Arthrosamid Als het Preservation Protocol onvoldoende effect heeft gehad, of als de mechanische component van het probleem overheerst, is Arthrosamid de logische vervolgstap. Het voegt een duurzame, mechanische buffer toe die het gewricht langdurig ontlast.

Stap 3 — Chirurgie (indien onvermijdelijk) Knieprothese, heupprothese of andere ingrepen staan als laatste stap op de ladder — pas wanneer conservatieve en biologische behandelingen aantoonbaar geen meerwaarde meer bieden.

Onze aanpak

Wij werken met echogeleide injectietechniek als absolute standaard. Geen Arthrosamid-injectie bij ons zonder real-time visualisatie van naaldpositie en injectielocatie.

Wij hanteren een strikt infectiepreventieprotocol, afgestemd op de permanente aard van de hydrogel. De details van dit protocol zijn vastgelegd in onze interne procedures.

Wij behandelen niet alleen de knie — maar ook heup, schouder, enkel, pols en duim. Elk gewricht vraagt zijn eigen beoordelingsproces, beeldvorming en techniek.

Locaties: Rotterdam (Cor Kieboomplein 227) en Dordrecht (Overkampweg 381) Telefoon: 010-4112763 Website: doktermulder.nl


11. Veelgestelde vragen

Kan Arthrosamid ook bij ernstige artrose (bot-op-bot, graad IV)? Ja, dat kan — mits de verwachtingen realistisch zijn. Bij gevorderde artrose is het effect doorgaans minder uitgesproken dan bij KL II–III, maar ook bij bot-op-bot artrose kan Arthrosamid zinvolle pijnverlichting bieden, met name bij patiënten die niet kunnen of willen opereren. Dit bespreken wij individueel.

Hoe lang duurt het effect van Arthrosamid? Op basis van het gepubliceerde onderzoek bedraagt het effect gemiddeld twee tot drie jaar bij goed geselecteerde patiënten. Het middel blijft langer in het gewricht, maar de klinische werkzaamheid neemt geleidelijk af. Herbehandeling is mogelijk.

Is Arthrosamid een definitieve oplossing? Nee. Arthrosamid verlicht symptomen en kan de noodzaak van gewrichtsvervanging uitstellen, maar is geen genezing van artrose. Artrose is een progressieve aandoening; Arthrosamid vertraagt de functionele achteruitgang, maar stopt de ziekteprogressie niet.

Zijn er bijwerkingen? De meest voorkomende zijn tijdelijke pijn, zwelling en stijfheid na de injectie, die doorgaans binnen een tot twee weken verdwijnen. De ernstigste complicatie is gewrichtsinfectie — zeldzaam, maar ernstig vanwege het permanente karakter van de hydrogel. Daarom hanteren wij een strikt infectiepreventieprotocol.

Wordt Arthrosamid vergoed? In Nederland wordt Arthrosamid momenteel niet vergoed via de basisverzekering of aanvullende verzekeringen. Het betreft een zelfbetaalde behandeling.

Kan ik na Arthrosamid nog een prothese krijgen? Ja. Arthrosamid verwijdert de mogelijkheid van gewrichtsvervanging niet. De hydrogel kan bij een eventuele operatie worden gelaveerd (doorgespoeld). Het is echter essentieel dat u uw chirurg informeert over eerdere Arthrosamid-behandeling.

Hoe verschilt de Arthrosamid-injectie van een gewone hyaluronzuurinjectie? Hyaluronzuur is een tijdelijk smeermiddel dat na enkele maanden is afgebroken. Arthrosamid is een permanent mechanisch implantaat dat in het gewricht blijft. Ze werken op fundamenteel andere wijze, en de behandelingsprocedure — inclusief infectieprofylaxe — is bij Arthrosamid navenant zwaarder.

Is Arthrosamid ook voor de heup, schouder of enkel? Ja. Hoewel het meeste bewijs de knie betreft, passen wij Arthrosamid ook toe bij andere synoviale gewrichten — heup, schouder, enkel, pols en duim — mits de indicatie zorgvuldig is gesteld. Elk gewricht vereist specifieke expertise in echogeleide injectietechniek.

Wat als ik diabetes heb? Diabetes is een relatieve contra-indicatie voor Arthrosamid. Gepubliceerde data laten zien dat patiënten zonder diabetes beter reageren. Bovendien verhoogt diabetes het infectierisico. Bij diabetespatiënten voeren wij een extra zorgvuldige risico-afweging uit.


12. Conclusie

Arthrosamid vertegenwoordigt een betekenisvolle stap voorwaarts in de niet-operatieve behandeling van gewrichtsartrose. Het is geen wondermiddel, en het is geen vervanging van een prothese als die uiteindelijk nodig is. Maar voor de goed geselecteerde patiënt — met milde tot matige artrose, die conservatieve behandelingen heeft doorlopen en op zoek is naar langdurige verlichting — biedt het iets dat weinig andere injecties kunnen bieden: een mechanische buffer die twee tot drie jaar standhoudt zonder dat u herhaaldelijk onder de naald hoeft.

De sleutel ligt, altijd, in de juiste selectie en de juiste uitvoering. Een Arthrosamid-injectie die verkeerd geplaatst is, of gegeven aan een patiënt die er niet voor in aanmerking komt, zal teleurstellen. Een nauwkeurig, echogeleide injectie bij de juiste patiënt, op het juiste moment in de behandelladder, kan het verschil maken tussen doorgaan met een kwalitatief goed leven — of uitkijken naar de operatietafel.

Heeft u vragen over Arthrosamid, of wilt u weten of u in aanmerking komt? Neem contact op voor een consultafspraak in Rotterdam of Dordrecht.


Björn Mulder, arts Dokter Mulder – Regeneratieve Orthopedie Rotterdam · Dordrecht · doktermulder.nl · 010-4112763


Referenties

  • Gao, H.C.K., Akhtar, M., Creedon, C., Nar, Ö.O., Verma, T., & Lee, P.Y.F. (2025). Polyacrylamide hydrogel injections in knee osteoarthritis: A PROMs-based 24 month cohort study. Journal of Clinical Orthopaedics and Trauma. https://doi.org/10.1016/j.jcot.2025.103136
  • Cole, A., et al. (2022). A Systematic Review of the Novel Compound Arthrosamid Polyacrylamide (PAAG) Hydrogel for Treatment of Knee Osteoarthritis. Medical Research Archives, 10(8).
  • Bliddal, H., et al. (2021–2024). Meerdere studies over PAAG-hydrogel: effectiviteit en veiligheid.
  • Henriksen, M., Overgaard, A., Hartkopp, A., Bliddal, H. (2018). Intra-articular 2.5% polyacrylamide hydrogel for the treatment of knee osteoarthritis: an observational proof-of-concept cohort study. Clinical and Experimental Rheumatology, 36(6):1082–1085.